Geen bedrijfsopvolgingsvrijstelling bij losse vermogensbestanddelen
- 15 apr
- 2 minuten om te lezen
Samenvatting
In deze uitspraak oordeelt de rechtbank dat een verkregen legaat van cultuurgrond en spaartegoeden niet kwalificeert als ondernemingsvermogen voor de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR). Hierdoor blijft de aanslag erfbelasting in stand. Ook een latere inbreng in een VOF verandert dit oordeel niet, omdat het moment van verkrijging doorslaggevend is
De rechtbank beoordeelt een geschil over een opgelegde aanslag erfbelasting van € 134.354. Belanghebbende had uit de nalatenschap van haar broer een onverdeeld aandeel in cultuurgrond en spaartegoeden verkregen. Zij stelt primair dat deze verkrijging onder de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) valt, waardoor een vrijstelling van toepassing zou zijn.

De rechtbank wijst dit standpunt af. Doorslaggevend is dat de verkregen vermogensbestanddelen op het moment van overlijden geen onderneming of zelfstandig deel daarvan vormen. Dit volgt uit artikel 35c van de Successiewet 1956. Het feit dat de cultuurgrond later in een vennootschap onder firma (VOF) wordt ingebracht en dat belanghebbende vennoot wordt, doet hier niet aan af. De beoordeling vindt namelijk plaats naar de situatie ten tijde van de verkrijging, en niet op basis van latere handelingen.
Daarnaast verwerpt de rechtbank het argument dat doorschuifregelingen uit de Wet inkomstenbelasting 2001 (zoals artikel 3.62) van invloed zijn op de BOR. De wetgever heeft expliciet bedoeld dat deze regelingen niet doorwerken naar de Successiewet.
Subsidiair stelt belanghebbende dat de cultuurgrond te hoog is gewaardeerd. Zij beroept zich op een lagere taxatie. De rechtbank oordeelt echter dat deze taxatie onjuist is, omdat daarin geen rekening is gehouden met omzetbelasting als onderdeel van de waarde in het economische verkeer. De btw maakt volgens de rechtbank onderdeel uit van de prijs die een koper bereid is te betalen, ongeacht de aftrekbaarheid daarvan.
De conclusie luidt dat de aanslag erfbelasting terecht en tot het juiste bedrag is opgelegd. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Praktische aandachtspunten
De BOR vereist dat sprake is van ondernemingsvermogen bij verkrijging
Latere inbreng in een onderneming is fiscaal niet relevant voor de BOR
Let op bij testamenten: losse vermogensbestanddelen kwalificeren vaak niet
Waardering voor erfbelasting gebeurt tegen waarde in het economische verkeer.
Heeft u hierover vragen? Neem dan gerust contact met ons op. Wij helpen u graag verder. U bereikt ons via info@steradvies.net of 0229-313036.







Opmerkingen